III.2.4. Moeilijkheden en aanbevelingen betreffende bepaalde activiteitensectoren of bepaalde soorten van beroepsbeoefenaars
Federale ombudsdienst “Rechten van de patiënt” Sylvie GRYSON ...
III.2.4.1 Expertise- en controlegeneeskunde
33
Garantie van het recht op toegang tot het patiëntendossier? Kennis van het recht op kwaliteitsvolle dienstverstrekking?
- Verschillende elementen schijnen er duidelijk op te wijzen dat de wet betreffende de rechten van de patiënt niet alleen op het therapeutische gebied, maar ook op het gebied van de controle- en expertisegeneeskunde van toepassing is:
- Zie aldus artikel 3, § 1 van de wet betreffende de rechten van de patiënt: “Deze wet is van toepassing op privaatrechtelijke en publiekrechtelijke rechtsverhoudingen inzake
gezondheidszorg verstrekt door een beroepsbeoefenaar aan een patiënt”.
Artikel 2 van de wet betreffende de rechten van de patiënt preciseert de omschrijvingen van de hierboven gebruikte begrippen:
• “patiënt: de natuurlijke persoon aan wie gezondheidszorg wordt verstrekt, al dan niet op eigen verzoek”
De parlementaire voorbereidingsstukken van de onderhavige wet geven aan dat de benaming “op zijn verzoek of niet” vooral de bijzondere gevallen van personen
beoogt aan wie, op verzoek van een derde, gezondheidszorg gegeven worden, bijvoorbeeld (op verzoek van) de werkgever of de verzekeraar
34
• “gezondheidszorg: diensten verstrekt door een beroepsbeoefenaar met het oog op het bevorderen, vaststellen, behouden, herstellen of verbeteren van de
32
Bij een geschil of een beroep kunnen de partijen zich beroepen op een geneesheer-specialist (deskundige bij de rechtbanken, deskundige voor verzekeringsmaatschappijen, technisch adviseur – sapiteur, beroepsgeneesheer, raadgevend geneesheer van een ziekenfonds, enz.) teneinde de capaciteit of de fysieke en mentale kwalificatie van een persoon te
evalueren.
33
Art. 2, 1 Wet 13 juni 1999 betreffende de controlegeneeskunde, B.S. 13 juli 1999: “Controlegeneeskunde: de medische
activiteit die door een arts wordt verricht in opdracht van een werkgever om de arbeidsongeschiktheid wegens ziekte of
ongeval van een werknemer te controleren” en art. 3, §1 : “De controlegeneeskunde mag enkel worden verricht door een arts
die gerechtigd is de geneeskunde uit te oefenen en vijf jaar ervaring heeft als huisarts of een daarmee vergelijkbare praktijk”.
34
Zie voornamelijk Ontwerp van wet betreffende de rechten van de patiënt, Parl. St. Kamer 2001-2002, nr. 1642/001, p. 46.
81
gezondheidstoestand van een patiënt of om de patiënt bij het sterven te begeleiden”
De ruime definitie van het begrip “gezondheidszorg” impliceert onvermijdelijk dat de wet betreffende de rechten van de patiënt op de controle- en expertisegeneeskunde van toepassing is, zelfs als een toekomstig koninklijk besluit de manier “kan” bepalen waarop de patiëntenrechten in verband met expertise- en controlegeneeskunde bekeken moet worden (cf. artikel 3 van de wet betreffende de rechten van de patiënt).
- Zie ook Parl. St. Kamer 2001-2002, nr. 1642/012, p. 54 en 57: de amendementen om de expertise- en controlegeneeskunde van het toepassingsgebied van de wet uit te
sluiten, werden door Minister Aelvoet afgekeurd, evenals door de meerderheid van de stemmers van de wet.
- Zie nog de verklaringen van Minister Aelvoet, Parl. St. Kamer 2001-2002, nr.
1642/012, p. 58: “Het is in ieder geval duidelijk dat wanneer een adviserend geneesheer een dossier opent over een mindervalide, die daartoe toegang moet
kunnen hebben”.
- De praktijk van de ombudsvrouwen van de Federale ombudsdienst “Rechten van de patiënt” onthult nochtans dat talrijke expertise of controlegeneesheren zich moeilijk weten te plaatsen onder het toepassingsgebied van de wet betreffende de rechten van de patiënt.
Dat blijkt voornamelijk uit de klachten van “patiënten” over het recht op rechtstreekse toegang tot dossier van de expertise of controlegeneesheer. Deze deskundigen vragen zich af of zij werkelijk verplicht zijn om de (verzekerde) patiënt het dossier, dat een graad van invaliditeit vermeldt, “direct” te communiceren. Het dossier is op zijn beurt vaak samengesteld uit andere dossiers van deskundigen of therapeuten van de patiënt.
Verschillende praktijken en deontologische codes die vóór de inwerkingtreding van de wet
betreffende de rechten van de patiënt bestonden en waarop geneesheren nog adviezen baseren,
steunen op de “onrechtstreekse” mededeling het patiëntendossier aan “de sociaal verzekerde”.
Zie aldus de mededeling van sociale persoonsgegevens betreffende de gezondheid aan
begunstigden van de sociale zekerheid, geformuleerd door de Kruispuntbank van de Sociale
82
Zekerheid op 18 mei 1995
. Dit document voorziet dat medische persoonsgegevens aan de belanghebbende meegedeeld worden door tussenkomst van een “vertrouwensarts”.
Vanuit een strikt juridisch standpunt is de wet betreffende de rechten van de patiënt duidelijk.
Indien de patiënt het wenst, kan hij rechtstreeks toegang hebben tot de gegevens in het dossier
van de geneesheer-specialist en controlearts.
Des te meer verwijst de wet van 8 december 1992 tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van persoonsgegevens ook naar het recht op rechtstreekse toegang tot het patiëntendossier Dit kadert binnen de logica van het recht voor elke burger om toegang te hebben tot zijn persoonlijke gegevens (met inbegrip van de gezondheidsgegevens)
36
.
Aangezien sommige geneesheren hun voormalige praktijken aanhouden (zoals de weigering hun dossiers rechtstreeks te overhandigen aan de patiënt), zich rechtvaardigend dat ze de “patiënt” niet goed kennen en opterend de verantwoordelijkheid over de overdracht van een dossier over te laten aan een geneesheer die meer vertrouwd is bij de patiënt; moet men niet nadenken over deze realiteit en de toepassing van de patiëntenrechtenwet op de betrokken arts verduidelijken?
- Het recht op kwaliteitsvolle dienstverstrekking zou eveneens volledig een aandachtspunt moeten zijn op het gebied van de expertise- of controlegeneeskunde. Patiënten worden op dit gebied immers geconfronteerd met onbegrip en verscheidene moeilijkheden: lange wachttermijnen voor deskundigenverslagen; beslissingen en vaststellingen formuleren “zonder” lichamelijk onderzoek van het potentiële slachtoffer (dit in een klacht die vaak geuit worden over de raadgevend geneesheer van een ziekenfonds); gebrek aan respect, aandacht en luisteren tijdens een lichamelijk onderzoek, enz.
35
Zie internetsite van de Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid, http://www.ksz-
bcss.fgov.be/nl/documentation/document_2.htm#document2_2.
36
Art. 10, § 2 van de wet van 8 december 1992 tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer meldt dat “Onverminderd
hetgeen is bepaald in artikel 9, § 2 van de wet van 22 augustus 2002 betreffende de rechten van de patiënt, heeft elke persoon
het recht om hetzij op rechtstreekse wijze hetzij met behulp van een beroepsbeoefenaar in de gezondheidszorg kennis te
krijgen van de persoonsgegevens die betreffende zijn gezondheid worden verwerkt… Onverminderd het bepaalde in artikel 9,
§ 2, van voornoemde wet, kan op verzoek van de verantwoordelijke van de verwerking of op verzoek van de betrokkene, de
mededeling gebeuren door tussenkomst van een door de betrokkene gekozen beroepsbeoefenaar in de gezondheidszorg”.
83
Op dit punt stelt zich de vraag wat de controle is over de geneesheren in de expertise en controlegeneeskunde naast de mogelijkheid van bemiddeling?
- Wat de controle van controleartsen betreft, bepaalt artikel 5 van de wet betreffende de controlegeneeskunde dat elke klacht met betrekking tot beroepsfouten van controleartsen, meegedeeld kunnen worden aan de artsambtenaar aangeduid door de Koning, die na onderzoek waarbij de klacht gegrond bevonden werd, de Orde der Geneesheren ervan in kennis zal stellen.
De deskundigen genieten van geen enkel bijzonder statuut in België. De titels “expert” en “gerechtelijk expert” zijn niet beschermd. Bepaalde universiteiten hebben een aanvullende opleiding in expertise geneeskunde of in evaluatie van het lichamelijke letsel gecreëerd.
Desondanks stellen de hoven en rechtbanken thans geneesheren-specialisten aan, zonder een vergelijkend examen en zonder dat de kandidaten moeten beschikken over bijzondere competenties (art. 962 Ger. W.).
Signaleren we ook dat de bevoegdheid van de ombudsvrouwen betreft de afhandeling van de klachten in verband met gerechtelijke expertise vragen stellen. In de mate de geneesheren-deskundigen geviseerd zijn in de wet betreffende de rechten van de patiënt en gezien de voornoemde elementen, komen de federale ombudsvrouwen alleen tussen betreft de vraag van de patiënt over het geschonden patiëntenrecht et dus geenszins betreft de grond van de zaak bij de rechtbank. De federale ombudsdienst is bijvoorbeeld tussengekomen betreft het respect voor het recht van de patiënt op afschrift van een deskundigenrapport over zijn gezondheidstoestand binnen een redelijke termijn, met het doel kennis te krijgen over het gevolg van het deskundigenonderzoek door een geneesheer. Deze rechten maken namelijk a
priori deel uit van het recht van de patiënt op de kwalitatieve dienstverlening.
Ten slotte, signaleren de federale ombudsvrouwen dat het dus aangeraden is dat de wetgever duidelijk de manier aangeeft, waarop de wet betreffende de rechten van de patiënt op de expertise- en controlegeneeskunde van toepassing is, en dit op basis van artikel 3, § 2 van de wet betreffende de rechten van de patiënt
37
Art. 3, § 2 van de wet 22 augustus 2002 betreffende de rechten van de patiënt bepaalt dat “bij een besluit vastgesteld na
overleg in de Ministerraad en na advies van de in artikel 16 bedoelde commissie de Koning nadere regels bepalen kan inzake
de toepassing van de wet op door Hem te omschrijven in § 1 bedoelde rechtsverhoudingen, teneinde rekening te houden met
de nood aan specifieke bescherming”.