Cognitieve gedragstherapie lijkt effectief bij ME


Publicatie: Home

 

 

http://medischcontact.artsennet.nl/content/dossiers/1099179160/55857/AMGATE_6059_138_TICH_R109632294469038/

 

Cognitieve gedragstherapie lijkt een effectieve behandelmethode voor een deel van de patiënten met het chronisch-vermoeidheidssyndroom (CVS), ook vaak ME (myalgische encefalomyelitis) genoemd. Deze conclusie trekt het College voor zorgverzekeringen in het rapport 'Cognitieve gedragstherapie bij chronisch-vermoeidheidssyndroom'.

Het college beveelt aan op kleine schaal een proef met deze therapie te starten. Als de effectiviteit is vastgesteld, zal cognitieve gedragstherapie op den duur in het voorzieningenpakket worden opgenomen. Het CVZ-rapport wordt donderdag 27 juni aanstaande aan de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport aangeboden.

De resultaten van het onderzoek laten zien dat cognitieve gedragstherapie effectiever is dan andere gangbare behandelmethoden, zoals lotgenotencontact. Afhankelijk van het gestelde criterium is na cognitieve gedragstherapie ruim eenderde van de onderzochte patiënten klinisch hersteld en is bij de helft een verbetering opgetreden. Met name patiënten die nog een redelijk activiteitenpatroon hebben, lijken baat te hebben bij deze behandeling.

De groep CVS-patiënten (momenteel zo'n 27.000 mensen) groeit met ongeveer 6.000 gevallen per jaar. Uit onderzoek is gebleken dat RIAGG's niet in staat zijn om de komende vijf jaar op grote schaal gedragstherapie voor CVS-patiënten aan te bieden. Bovendien is volgens het College voor zorgverzekeringen het definitieve bewijs voor de effectiviteit nog niet geleverd. Het college adviseert dan ook te beginnen met een proef om de effectiviteit van cognitieve gedragstherapie nader te onderzoeken en om na te gaan of het wenselijk en mogelijk is om deze therapie op termijn op grote schaal in te voeren.

Verder beveelt het college aan om de drie bestaande kenniscentra voor CVS in Nijmegen, Leiden en Enschede te ondersteunen bij het geven van voorlichting aan huis-, bedrijfs- en verzekeringsartsen over dit syndroom. Als na de proef wordt besloten de cognitieve gedragstherapie te implementeren, dan zou daarmee naar schatting een bedrag van ruim 10 miljoen euro gemoeid zijn.

Bron: CVZ

rapport_cognitieve_gedragstherapie.doc rapport_cognitieve_gedragstherapie.doc

Brieven


10 juli 2002

Geachte redactie,

Op uw website is een bericht geplaatst over cognitieve gedragstherapie voor ME-patienten. Ik wil u erop wijzen dat dit bericht gebaseerd is op een voorlopige versie van het rapport, waaraan u onderaan deze webpagina refereert. Inmiddels is het definitieve rapport door het CVZ beschikbaar gesteld en hieruit blijkt dat de door u geplaatste tekst inhoudelijk niet (geheel) juist is. Het gaat hierbij met name om de passage in de laatste alinea: "Verder beveelt het college aan om de drie bestaande kenniscentra voor CVS in Nijmegen, Leiden en Enschede te ondersteunen bij het geven van voorlichting aan huis-, bedrijfs- en verzekeringsartsen over dit syndroom."

In de definitieve versie van het rapport is hiervan geen sprake. De aanbevelingen, die het College van Zorgverzekeringen aan de minister heeft uitgebracht, luiden:
- Benoem kenniscentra voor CVS en ondersteun deze centra a) in de voorlichting aan huisartsen (en bedrijfs- en verzekeringsartsen) om onnodige verwijzingen naar specialisten te voorkomen en b) in het ontwikkelen van
kennis met betrekking tot de ontstaanswijze en behandelmogelijkheden van deze aandoening
- Betrek in het benoemen van kenniscentra de opvattingen van de belangenverenigingen van CVS. Dit betekent dat de kenniscentra multidisciplinair moeten zijn en niet eenzijdig gericht op één type behandeling.
- Voer uit en evalueer een proefimplementatie voor CGT in RIAGG's, ten einde vast te kunnen stellen of een zelfde klinisch effect in een andere setting gerealiseerd kan worden om belemmeringen voor implementatie vast te kunnen
stellen en eventueel oplossingsrichtingen te genereren. Tevens zou hieruit de wenselijkheid en haalbaarheid van de implementatie in Riagg's duidelijker moeten worden. Op basis hiervan wordt bezien of het implementatieprotocol
moet worden aangepast.
- Stimuleer onderzoek naar oorzaak, interventies en hun resultaten, met name werkhervatting, en betrek hierin ook lange termijneffecten

Hieruit blijkt dat volgens deze aanbevelingen kenniscentra voor ME nog benoemd moeten worden.
De definitieve tekst van het rapport is te vinden op onze website:
http://www.steungroep.nl/archief/stukken/cvz200206.txt

Ook het persbericht, dat de ME-Stichting en de Steungroep ME en Arbeidsongeschiktheid hebben doen uitgaan n.a.v. de aanbevelingen van het CVZ is hier te vinden: http://www.steungroep.nl/archief/stukken/pers20020703.htm

Ik hoop dat u op grond van deze informatie de tekst op uw webpagina wilt aanpassen.

Vriendelijke groeten,

Michael Koolhaas
bestuurslid Steungroep ME en Arbeidsongeschiktheid