Date: Sun, 2 Mar 2003
---------------------------------
Melatonine.
Ervaringen van gebruikers
door Nico-Jan van den Heuvel en
Janet Hoven
Samenvatting
Melatonine is een lichaameigen stof en speelt bij de mens een belangrijke
rol bij de regulering van verschillende biologische ritmen, zoals het
slaap-waakritme. Een verstoorde melatonine balans zou de oorzaak kunnen zijn
van verschillende slaapstoornissen of vermoeidheidsklachten. Melatonine
preparaten worden daarom regelmatig voorgeschreven aan patiënten met een
verstoord slaap-waakritme. Een drietal syndromen waarbij vaak
slaapstoornissen en/of een verstoord slaap-waakritme optreden is het
chronische vermoeidheidssyndroom (CVS), ook wel ME genoemd, het delayed
sleep phase syndrome (DSPS) en fibromyalgie (FM). Vele studies hebben over
de positieve effecten van melatonine toediening gerapporteerd. Melatonine is
echter een niet geregistreerd geneesmiddel en is als zodanig niet
gecontroleerd op effectiviteit en veiligheid. Negatieve effecten en
bijwerkingen worden in de literatuur nauwelijks beschreven. In dit onderzoek
is daarom geprobeerd om door middel van een literatuurstudie en een enquête
onder melatoninegebruikers de ervaringen met melatonine in kaart te brengen
en mogelijk te verklaren.
In de literatuur is gezocht naar wetenschappelijke artikelen over melatonine
en het gebruik ervan bij verschillende aandoeningen. Het inventariseren van
de verschillende ervaringen met melatonine is gedaan door middel van een
vragenlijst. In totaal hebben 45 personen hieraan meegewerkt, 12 mannen en
33 vrouwen, met name CVS, DSPS en/of FM patiënten.
Uitkomsten enquête
Uit de resultaten van de enquête blijkt dat melatonine vooral gebruikt wordt
bij slaapproblemen en dat de positieve effecten met name betrekking hebben
op het eerder in kunnen slapen. Bijwerkingen kwamen voor bij 31 van de 45
(68,9%) ondervraagden. Daarvan gaven 9 van de 31(29%) aan dat door gebruik
van melatonine de algehele gezondheid duidelijk verslechterd was. Van de
ondervraagden met DSPS of DSPS gecombineerd met CVS en/of FM had 68,8% baat
bij de behandeling met melatonine. Ondervraagden met alleen DSPS reageerden
allemaal (100%) positief op melatonine. Van de 45 ondervraagden zijn 20
(44%) gestopt met het gebruik van melatonine. Opvallend was dat personen die
aangaven allergisch te zijn iets slechter leken te reageren op melatonine
dan personen die niet allergisch zijn: van de niet-allergische personen
reageert ongeveer 83% positief en 5% negatief op melatonine, bij de
allergische personen reageert ongeveer 52% positief en 30% negatief op
melatonine.
Uitkomsten literatuurstudie
Aan de hand van de literatuur is geprobeerd om voor de meeste bijwerkingen
een verklaring te geven. Specifiek onderzoek echter naar de bijwerkingen van
melatonine wordt in de literatuur niet beschreven. Ook over de lange termijn
effecten van een chronische toediening is niets bekend. Uit de
literatuurstudie bleek verder dat er weinig onderzoek is gedaan naar de
effecten van melatonine bij CVS patiënten. Wel is beschreven dat melatonine
met name bij DSPS patiënten het tijdstip van inslapen kan vervroegen. Bij
jetlag en ploegendiensten lijkt melatonine het slaap-waakritme sneller te
kunnen aanpassen aan de gewenste tijden. De effecten bij FM patiënten zijn
nog onvoldoende onderzocht, maar lijken ook hier vooral betrekking te hebben
op de slaap.
Conclusie
Over de effectiviteit en veiligheid bij verschillende doseringen, bij
verschillende tijdstippen van inname, bij het gebruik van co-medicatie of
bij de aanwezigheid van een andere ziekte of aandoening zijn geen gegevens
beschikbaar. Ook de resultaten uit de enquête zijn te divers en te complex
(door combinaties van ziektebeelden bijvoorbeeld) om daarover harde
conclusies te kunnen trekken. Het lijkt erop dat de 'juiste' dosering en het
'juiste' tijdstip van inname per persoon sterk kan verschillen.
Waarschijnlijk spelen (onder andere) grote individuele variaties in
biologische beschikbaarheid (bijvoorbeeld absorptie in de darmen, afbraak
door lever) en in de eliminatie door de nieren hierbij een rol. Toekomstig
onderzoek zal dit verder moeten uitwijzen.
------------------------------